www.shakedown.be - rallysport in belgië

Alltec Seys

TVB

Diger

Uw logo hier?

HomeNieuwsHomeHomeHomeHomeHomeHome
www.shakedown.be - rallysport in belgië

De sterren van de TAC Rally
16.04.2014 - 18:43, tekst jeroen d'hulster - foto tom buyse

Net als de rallymicrobe kruipt de schrijfmicrobe waar die niet gaan kan. In een schuchtere poging de site te herlanceren in een iets andere vorm belichten we de jongste TAC Rally even vanuit een ander standpunt door de sterren van de wedstrijd er één of meerdere toe te kennen.

****

Stéphane Hermann: Het TAC-verslag op Sporza was opnieuw een fraai stuk maar toch ontbraken er beelden van dè man van de wedstrijd. Hermann liet opnieuw schitterende dingen zien en stuurde zijn kleine Fiat Punto naar een zesde plaats algemeen, ergens tussen een Super 2000 en een dikke Escort BDA, nadat hij de ganse dag al in de top-10 had postgevat temidden de WRC’s. Hij kreeg zijn plaats dus zeker niet cadeau door de vele opgaves maar legde de basis voor zijn prestatie al in de mistige openingsronde. Met een Peugeot 208 R2 die hij vorig jaar enkele keren huurde had de 26-jarige Oostkantonner beslist niet beter gedaan. Stéphane, petje af, blijf je originele Punto trouw en hopelijk tot in Namen en de resterende manches van het BK.

***

Hermen Kobus: Enkel alleen al voor zijn openingsronde verdient Hermen Kobus drie sterren. De jonge Nederlander had vooraf aangekondigd dat hij met het mes tussen de tanden van start zou gaan en deed dat ook. In de openingsproef zette hij Loix en Princen meteen op 8 seconden, mede dankzij de dichte mist waarin hij iets meer lef toonde. Vanaf de tweede ronde kon hij de snellere Fabia van Loix niet meer achter zich houden en later moest hij logischerwijs ook Princen laten passeren, maar Kobus haalde opnieuw het maximale uit zijn Fiesta Super 2000 en mocht oververdiend mee op het podium.

Andy Heyrick: De ganse dag de tussenstand van nabij volgen maar aan het eind van de dag toch een verrassende naam met een veel te hoog startnummer vooraan zien opduiken, u kent het fenomeen vast wel. Op die manier reed Andy Heyrick zijn niet meer zo jonge Subaru groep A afgelopen zaterdag naar een onverhoopte 10de plaats algemeen, een nieuw hoogtepunt in de carrière van deze wagen die ooit nog aan Bollaert en Decloedt toebehoorde. De naar Tielt uitgeweken kustzoon deed beter dan veel andere thuisrijders en bevestigt met dit resultaat de mooie dingen die hij al in VAS-wedstrijden had laten zien.

Brecht Hoorne: Nog een bevestiging op nationaal niveau is de mooie 9de plaats van Brecht Hoorne. Na meerdere straffe prestaties met zijn BMW E30 kreeg Hoorne dit jaar de kans om het in het BK te proberen met een BMW 130i uit de stal van Charly Schmid. Met het minst geëvolueerde exemplaar van allemaal - een standaard 3-liter met sequentiële bak - werkte hij andermaal een verstandige wedstrijd af met vooral een sterke tweede helft na een gemiste start (pas 33ste na de eerste ronde). Net als met de E30 verloor hij daarbij nooit het spektakel uit het oog, wat hem steeds meer een publiekslieveling doet worden. Hopelijk kan Hoorne de positieve lijn doortrekken in de Wallonie en krijgt hij vroeg of laat eens de snellere 3.2 1-serie van mecenas Frank Baert onder de bips geschoven…

**

Didier Vanwijnsberghe / Paul Lietaer: De tenoren van het Belgische Historic-gebeuren maakten er opnieuw een beklijvend duel van. Toch moest Lietaer wellicht even slikken bij het zien van de eerste tijden van Vanwijnsberghe. De autohandelaar had dankzij mistnota’s een bliksemsnelle start genomen maar vanaf de tweede ronde zette de Heestertnaar zijn inhaalrace in. Lietaer was het gat volop aan het dichttrijden toen Vanwijnsberghe aan de kant moest met een kapotte koppeling. Verlost van alle druk ging de Polle vervolgens nog wat dwarser dan gewoonlijk. Het publiek genoot met volle teugen van de passages van de Snor met zijn Escort MK 2, een onnavolgbare combinatie in het koppelen van snelheid aan spektakel. Binnenkort gaat hij op pensioen als vrachtwagenmecanicien maar hopelijk nog lang niet op rallypensioen.

Tobi Vandenberghe: De voormalige scooterracer was opnieuw de regelmaat zelve en reed zich naar een mooie 13de plaats en een tweede stek bij de Historics, wat hem aan de leiding brengt in het kampioenschap. In de mist bouwde de Kadett-rijder een mooie voorsprong uit op de vlammenwerper van Janssens, die hij daarna met succes verdedigde. Indien Vandenberghe op hetzelfde elan blijft doorgaan in het BK is de kans groot dat hij na twee VAS-titels een nationale titel aan zijn palmares mag toevoegen.

*

Kris Princen: Terwijl Loix quasi elke week wel ergens in een rallywagen zit en telkens apart uitvoerig gaat testen voor een rally moest Princen de Subaru Impreza WRC S12 op de korte shakedown afstellen voor de typische West-Vlaamse wegen. Met de hulp van First Motorsport kreeg de Limburger zijn wagen steeds beter onder de knie en eenmaal in het ritme ging hij - na tijdsverlies door een foutje – in de tweede wedstrijdhelft voorbij Loix en Kobus naar de leiding. Een logische zege op het eerste zicht, maar geen sinecure met de brute S12 op het gladde asfalt tegenover twee toppers die hun S2000’s al door en door kennen. De topfavoriet voor de Rallye de Wallonie is bij deze gekend.

De Criterium-subtop: Zonder 4x4’s is het Criterium dit jaar een leuke afwisseling van snelle voorwielaangedreven wagens en ‘dikke’ achtertrekkers, vooral dan BMW’s. Voor eigen volk pakte Kurt Braeckevelt een mooie zege maar ook daarachter vielen mooie prestaties te noteren. Bjorn Renier vierde het afscheid van zijn groep N-Clio met een zevende plaats terwijl Jeroen Catelin mooi achtste werd in zijn Citroën Saxo, die hem beter lijkt te liggen dan de C2. Maar vooral de tiende plaats van Jan Vandenberghe en zijn kleine VW Golf I is meer dan knap te noemen. Daar tussenin reed Didier Spillebeen, iets minder spectaculair dan gewoonlijk, zich naar de 9de plaats met zijn BMW.

Jamie Brown/Gino Bux: Het R2-gebeuren is helaas niet te vergelijken met dat van vorig seizoen, want kleppers als Boon, Geusens, De Cecco of Baugnet ontbreken (voorlopig) en wie er wel was moest meestal vroegtijdig de strijd staken. Zo zorgden Van der Marel, de Mévius en Collignon terug voor werkgelegenheid in de carrosseriesector nadat ze zich lieten vangen aan één van de vele pièges op het TAC-tracé. Dilley rondde zijn 208-debuut af met een Junior-zege maar Jamie Brown moest met een intrinsiek tragere Fiesta R2 weinig onderdoen. Geplaagd door een slechte normtijd strandde hij op amper een halve minuut van Dilley. Gino Bux tenslotte ontweek in zijn eerste wedstrijd met de 208 R2 van het National Team alle valstrikken en toonde duidelijk progressie. Een nieuwe Neuville is hij (nog) niet maar de RACB-jury lijkt zeker geen slechte keuze gemaakt te hebben.

Nieuwsarchief 2011 - 2015

Nieuwsarchief 2002 - 2010

laatste nieuws